Mensenrechtenorganisaties klagen regering VS aan om sancties tegen Strafhof
Vier mensenrechtenorganisaties hebben de Amerikaanse regering aangeklaagd in New York vanwege de sancties tegen het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag. Ze eisen dat de strafmaatregelen worden teruggedraaid, omdat die de internationale rechtsorde zouden ondermijnen.
President Trump stelde vorig jaar per decreet sancties in tegen onder andere rechters en aanklagers van het Strafhof. Als gevolg hiervan kan het ICC nauwelijks nog functioneren, meldde persbureau AP enkele maanden later op basis van ICC-medewerkers.
Human Rights Watch en drie andere mensenrechtenorganisaties noemen het decreet van Trump onwettig. De Amerikaanse maatregelen hebben ervoor gezorgd dat de ergste misdaden onbestraft kunnen blijven, stellen ze in een verklaring.
De sancties, zoals visumbeperkingen en financiële straffen, gelden ook voor mensen die het ICC helpen bij onderzoeken naar Amerikaanse burgers of bondgenoten van de VS. Dit heeft volgens de aanklagers zware en negatieve impact gehad op het werk van mensenrechtenorganisaties.
Arrestatiebevel NetanyahuTrump had de sancties ingesteld in reactie op het arrestatiebevel dat het ICC had uitgevaardigd tegen de Israëlische leiders. Premier Netanyahu en oud-minister van Defensie Gallant worden door het Strafhof verdacht van oorlogsmisdaden in Gaza, zoals gerichte aanvallen op burgers en het inzetten uithongering als oorlogstactiek.
De Amerikaanse regering stelt dat deze strafzaak ongefundeerd is. Washington wijst er ook op dat Israël noch de VS is aangesloten bij het ICC. Het arrestatiebevel schept volgens de VS een gevaarlijk precedent voor (oud)-militairen en bestuurders uit het land "door ze bloot te stellen aan intimidatie, misbruik en mogelijke arrestatie".